Alle Tweets
Vorige:
Volgende:
Reasons to believe in God

1.7 Waarom zou ik in God geloven?

Schepping of toeval?

Mensen verlangen in hun leven naar het ultieme geluk. Velen hebben de ervaring dat dit op de lange termijn niet te vinden is in succes, macht of bezit. Vaak noemen mensen relaties als een belangrijke bron van geluk. Echt geluk zit van binnen in ons, in de wetenschap dat er van ons wordt gehouden en dat we het goede doen

De belangrijkste waarheid over de mens is dat we bij God horen – Hij heeft ons geschapen en houdt van ons. Uiteindelijk is het ultieme geluk alleen bij Hem te vinden. Het klinkt misschien wat simpel, maar het is een diepe waarheid dat je, om gelukkig te worden, alleen maar hoeft in te stemmen met het plan dat God met je heeft en daaraan mee te werken.

> Lees meer in het boek

Jouw ware geluk is uiteindelijk alleen te vinden in God: Hij maakte je, kent je en houdt van je. Heb je nog meer redenen nodig om te geloven?

Uit de Wijsheid van de Kerk

Waarom leeft in de mens het verlangen naar God?

God zelf heeft, door de mens naar zijn beeld te scheppen, in zijn hart het verlangen gegrift om Hem te zien. Ook al wordt dit verlangen dikwijls miskend, God houdt niet op de mens naar zich toe te trekken, opdat hij leeft, en in Hem die volheid vindt van waarheid en geluk, waarnaar hij zonder ophouden op zoek is. Van nature en krachtens roeping is de mens dus een godsdienstig wezen, dat in staat is in gemeenschap te treden met God. Deze intieme en vitale band met God, verleent de mens zijn fundamentele waardigheid. [CCKK 2]

Waarom zoeken wij naar God?

God heeft een verlangen in ons hart gelegd waarmee wij Hem kunnen zoeken en vinden. De H. Augustinus zegt: "U hebt ons naar u toe geschapen, en rusteloos is ons hart tot het rust vindt in u." Dit verlangen naar God noemen wij religie.

Het hoort bij de natuur van de mens dat hij zoekt naar God. Heel zijn streven naar waarheid en geluk is uiteindelijk een zoeken naar wat hem volstrekt draagt, volstrekt bevredigt, volstrekt in dienst neemt. Een mens is pas dan helemaal zichzelf als hij God gevonden heeft. "Wie de waarheid zoekt, zoekt God, of hij dat nu weet of niet" (H. Edith Stein). [Youcat 3]