Alle Tweets
Vorige:
Volgende:
strips met pillen

4.40 Hoe zit het met orgaandonaties, bloedtransfusies en zware medicijnen?

Einde van het leven

Voor christenen is naastenliefde een heel belangrijk onderdeel van hun leven. Ook het doneren van organen en bloed is hiervan een voorbeeld. Bedenk hierbij wel dat we ons lichaam gekregen van God die van ons houdt, en de taak hebben om het te beschermen.

Het bestrijden van pijn is heel christelijk. Zelfs als het leven misschien verkort wordt door het toepassen van die pijnbestrijding kan de medicatie toch ethisch verantwoord zijn. Dit geldt zolang het doel niet is om het leven te verkorten, maar om de pijn te bestrijden.

> Lees meer in het boek

Anderen helpen is heel christelijk. Je leven onnodig in gevaar brengen is echter verkeerd: je hebt het met je lichaam van God gekregen!

Uit de Wijsheid van de Kerk

Zijn transplantatie en de donatie van organen vóór en na de dood toegestaan?

Orgaantransplantatie is moreel aanvaardbaar wanneer de donor er in toestemt en er voor hem geen buitensporige risico’s aan verbonden zijn. Voor de edele daad van orgaandonatie na de dood, moet de werkelijke dood van de donor met volledige zekerheid zijn vastgesteld. [CCKK 476]

Welke medische handelwijzen zijn toegestaan, wanneer de dood dreigend nabij geacht wordt?

De zorg die men gewoonlijk aan een zieke persoon verschuldigd is, kan niet geoorloofd onderbroken worden. Wel geoorloofd is de toepassing van pijnstillende, niet de dood beogende middelen, evenals het afzien van “therapeutische koppigheid”, dat wil zeggen van het aanwenden van medische handelwijzen die buiten verhouding zijn en zonder redelijke hoop op een positief resultaat. [CCKK 471]

Waarom zijn orgaandonaties belangrijk?

Orgaandonaties kunnen levens verlengen of de kwaliteit van leven verhogen en zijn daarom een ware dienst aan de naaste, althans voor zover mensen er niet toe worden gedwongen.

Het moet zeker zijn dat een donateur tijdens zijn leven de vrije, bewuste toestemming heeft gegeven en niet is gedood om hem organen te kunnen ontnemen. Er bestaat ook donatie door levende donateurs, bijvoorbeeld bij een beenmergtransplantatie of bij het afstaan van een nier. Voor een orgaandonatie uit een stoffelijk overschot is een zekere vaststelling van de dood en de instemming van de donateur, gegeven tijdens zijn leven, of door zijn vertegenwoordiger, voorwaarde. [Youcat 391]

Is euthanasie toegestaan?

De dood actief bewerkstelligen is altijd een overtreding van het gebod ‘Gij zult niet doden’ (Ex. 20, 13). Het bijstaan van mensen in hun sterven is daarentegen zelfs een humanitair gebod.

De begrippen actieve euthanasie en passieve euthanasie maken de discussie onhelder. Eigenlijk gaat het erom of je een stervende mens doodt of hem laat sterven. Wie in de zin van de zogenaamde actieve euthanasie mensen helpt te sterven, overtreedt het vijfde gebod; wie in de zin van de zogenaamde passieve euthanasie een mens helpt die aan het sterven is, gehoorzaamt daarmee aan het gebod van de naastenliefde. Daarmee wordt bedoeld dat je, met de zekere dood van de patiënt in het vooruitzicht, afziet van bijzondere, ingrijpende en in geen verhouding tot het resultaat staande medische maatregelen. De beslissing hiertoe moet de patiënt zelf nemen of eventueel vooraf schriftelijk vastleggen. Indien hij daartoe niet meer in staat is, moet een gevolmachtigde de verklaarde of vermoedelijke wil van de stervende doen wedervaren. De zorg voor een stervende mag nooit worden opgegeven, want ze behoort tot het gebod van de naastenliefde en de barmhartigheid. Daarbij kan het legitiem zijn en overeenkomen met de menselijke waardigheid om pijnstillende medicijnen in te zetten, zelfs wanneer daarbij het gevaar bestaat dat daardoor het leven van de patiënt verkort wordt. Beslissend is dat bij dergelijke middelen de dood niet het doel of het middel is. [Youcat 382]