Alle Tweets
Vorige:
Volgende:
biddende vrouw

3.25 Wat betekenen die houdingen, gebaren en kleuren?

Liturgie

In de liturgie nemen we verschillende lichaamshoudingen aan: staan, buigen, zitten, knielen... Dit zijn verschillende manieren om actief deel te nemen aan de liturgie. Als we bidden, vouwen we onze handen, en gebruiken ze even nergens anders voor.

De vijf liturgische kleuren voor de kleding van de priester en de aankleding van het altaar zijn wit, rood, paars, zwart en groen. Elke kleur is gekoppeld aan bepaalde feesten of een zekere periode van het kerkelijk jaar

> Lees meer in het boek

Staan is dé christelijke houding voor gebed, buigen en knielen drukt eerbied uit en zitten rust. Gevouwen handen zijn een teken van gebed.

Uit de Wijsheid van de Kerk

Hoe wordt de liturgie gevierd?

De liturgische viering is een weefsel van tekens en symbolen, waarvan de betekenis wortelt in de schepping en in de menselijke culturen, duidelijker wordt in de gebeurtenissen van het Oude Verbond en zich ten volle openbaart in de Persoon en het werk van Christus. [CCKK 236]

Waar komen de sacramentele tekenen vandaan?

Sommige komen uit de schepping (licht, water, vuur, brood, wijn, olie), andere uit het sociale leven (wassen, zalven, brood breken); andere uit de heilsgeschiedenis van het Oude Verbond (de paasriten, de offers, de handoplegging, de wijdingen). Dergelijke tekenen, waarvan sommige normatief zijn en onveranderlijk, omdat zij door Christus gekozen werden, worden dragers van heilbrengend en heiligend handelen. [CCKK 237]

Waarom zijn er in de erediensten zoveel tekens en symbolen?

God weet dat wij mensen niet alleen geestelijke, maar ook lichamelijke wezens zijn; wij hebben tekens en symbolen nodig om geestelijke of innerlijke werkelijkheden te herkennen en te benoemen.

Met rode rozen, een trouwring, zwarte kleding, graffiti of een aidsspeldje; altijd drukken we een innerlijke werkelijkheid uit door tekenen en die worden ook onmiddellijk begrepen. De mensgeworden God schenkt ons menselijke tekenen, waarin Hij onder ons leeft en werkzaam is: brood en wijn, het water van de doop, de zalving met de Heilige Geest. Ons antwoord op de heilige tekenen van God bestaat uit tekenen van eerbied: knielen, opstaan als we luisteren naar het evangelie, de buiging, onze handen vouwen. En net als bij een bruiloft, versieren we ook de plaats van de goddelijke aanwezigheid met het mooiste wat wij hebben: met bloemen, kaarsen en muziek. [Youcat 181]

Waar moeten wij God om vragen?

God kent ons door en door en weet wat we nodig hebben. Toch wil God dat wij ‘vragen’: dat we ons in de nood van ons leven tot Hem wenden, naar Hem schreeuwen, Hem smeken, klagen, Hem aanroepen, ja zelfs in het gebed met Hem worstelen.

God heeft onze beden zeker niet nodig om ons te kunnen helpen. Dat wij de vragende partij moeten zijn, is voor ons bestwil. Wie niet vraagt en niet hoeft te vragen, sluit zich in zichzelf op. Pas de mens die vraagt, opent zich en keert zich naar de Maker van al het goede. Wie vraagt, keert terug naar huis, naar God. Zo brengt de smeekbede de mens in de juiste verhouding tot God, die onze vrijheid respecteert. [Youcat 486]