Alle Tweets
Vorige:
Volgende:
Photo of the Dutch House of Representatives (Tweede Kamer)

4.48 Wat kun je zeggen over politiek, economie en milieu?

Maatschappij en samenleving

Onze samenleving bestaat uit mensen met heel verschillende achtergronden en religies, die vreedzaam proberen samen te leven. Het is een belangrijke taak van christenen om deel te nemen aan het maatschappelijke leven. De politiek speelt daarin een belangrijke rol. Ook in de politiek zouden het Evangelie en de leer van de Kerk steeds het uitgangspunt moeten vormen.

Zo moet ook de economie zorg hebben voor alle mensen, rijk en arm. Wij zijn verantwoordelijk voor een goed beheer van de aarde en de beschikbare natuurlijke hulpbronnen. Het is daarbij belangrijk om eerbied te hebben voor de schepping die God gemaakt heeft. 

> Lees meer in het boek

Politiek en economie hebben het Evangelie nodig: globalisering, bronnen goed verdelen en zorg voor het milieu kunnen alleen met echte liefde.

Uit de Wijsheid van de Kerk

Hoe nemen de christenen deel aan het politieke en sociale leven?

De gelovige leken leveren rechtstreeks hun bijdrage aan het politieke en sociale leven, door de tijdelijke zaken met een christelijke geest te bezielen en met allen mee te werken als echte getuigen van het evangelie en dienaars van de vrede en de rechtvaardigheid. [CCKK 519]

Zijn christenen verplicht zich te engageren in politiek en maatschappij?

Het is een bijzondere opgave van de christelijke leken om zich in de geest van het evangelie, de liefde, de waarheid en de gerechtigheid in politiek, maatschappij en economie in te zetten. De katholiek sociale leer biedt hierbij een duidelijke richtlijn.

Een partijpolitieke functie is echter niet verenigbaar met de roeping van bisschoppen, priesters of religieuzen. Die mensen moeten er voor iedereen zijn. [Youcat 440]

Hoe moet het sociale en economische leven worden beoefend?

Het moet worden beoefend volgens de eigen methoden, in het kader van de morele orde, ten dienste van de hele mens en van heel de menselijke gemeenschap, met eerbiediging van de sociale rechtvaardigheid. De mens moet er de oorsprong, het middelpunt en het doel van zijn. [CCKK 511]

Hoe staat de kerk tegenover kapitalisme en markteconomie?

Een kapitalisme dat niet in een stevige rechtsorde ingebed is, loopt het risico niet langer het algemeen welzijn te dienen en enkel een middel tot winstbejag van individuen te worden. Dat wijst de kerk beslist af. Ze is daarengtegen wel een voortander van een markteconomie die in dienst van de mensen staat, monopolies verhindert en de voorziening verzekert van alle goederen en arbeid die van levensbelang is.

De katholieke sociale leer beoordeelt alle sociale instellingen aan de hand van de vraag of ze het algemeen welzijn dienen, dat wil zeggen: in hoeverre ze de mensen, gezinnen en groepen in staat stellen hun eigen volmaalktheid vollediger en gemakkelijker te bereiken. Dat gelldt ook voor de economie die in de eerste plaats in dienst van de mens moet staan. [Youcat 442]

Wat zegt de kerk over globalisering?

 " 'Globalisering' is in eerste instantie niet goed of slecht, maar enkel een beschrijving van een werkelijkheid die vormgegeven moet worden. Dit proces, ontstaan in de economisch ontwikkelde landen, heeft door zijn aard alle economiën meegetrokken. Het is de voornaamste impuls waardoor hele gebieden uit de onderontwikkeling zijn gekomen, en betekent op zich een grote kans. Zonder de leiding van de liefde in waarheid kan deze wereldwijde impuls er desondanks toe bijdragen het gevaar van tot nu toe ongekende schade en nieuwe verdeeldheid in de familie van de mensheid te roepen." (BenedictusXVI, CiV)

Wanneer we een goedkope spijkerbroek kopen mag het ons niet onverschillig laten onder welke omstandigdheden die geproduceerd is, of de arbeiders een eerlijk loon hebben ontvangen of niet. Het lot van allen is van belang. Op het gebied van politiek is een 'echt politiek wereld gezag noodzakelijk' (Benedictus XVI, CiV), dat ervoor  zorgt dat er een eerlijke verdeling plaatsvindt tussen mensen in rijke en onderontwikkelde landen. Veel te vaak zijn die laatsen uitgeloten van de economische globalisering en dragen ze er enkel de lasten van. [Youcat 446]

Wat gebiedt het zevende gebod?

Het zevende gebod gebiedt de eerbiediging van de goederen van de ander door de beoefening van de rechtvaardigheid en de liefde, van de matigheid en de solidariteit. In het bijzonder vraagt het de eerbiediging van gedane beloften en aangegane contracten; het herstel van de onrechtvaardigheid die werd begaan en om teruggave van wat gestolen werd; de eerbiediging van de heelheid van de schepping door een verstandig en gematigd gebruik van de minerale, plantaardige en dierlijke hulpbronnen van het heelal, met bijzondere aandacht voor de soorten die met uitsterven worden bedreigd. [CCKK 506]

Hoe moet de mens zich gedragen tegenover de dieren?

De mens moet de dieren, die schepselen zijn van God, met welwillendheid behandelen, en zowel een overdreven liefde ten opzichte van hen als een willekeurig gebruik ervan vermijden, met name waar het gaat om wetenschappelijke proefnemingen die de redelijke perken te buiten gaan en die de dieren zelf onnodig laten lijden. [CCKK 507]

Wat verbiedt het zevende gebod?

Het zevende gebod verbiedt vóór alles de diefstal, dit wil zeggen de wederrechtelijke inbezitname van andermans goed, tegen de redelijke wil van de eigenaar in. Daarvan is ook sprake bij het betalen van onrechtvaardige lonen, bij het speculeren met de waardenotering van goederen met de bedoeling er voordeel uit te halen ten nadele van anderen; bij het vervalsen van cheques en facturen. Het verbiedt bovendien: belastingfraude en frauduleus zakendoen, evenals het opzettelijk schade toebrengen aan privé of publiek eigendom. Het verbiedt ook woeker, corruptie, privé-misbruik van gemeenschappelijke goederen, het op schuldige wijze slecht uitvoeren van werken, en spilzucht. [CCKK 508]

Hoe moeten wij met de schepping omgaan?

Wij vervullen de scheppingsopdracht van God wanneer we de aarde met haar levenswetten, haar vele verschillende soorten, haar natuurlijke schoonheid en haar steeds weer aangroeiende rijkdommen als levensruimte verzorgen en duurzaam behouden, zodat ook toekomstige generaties goed op aarde kunnen leven.

In het boek Genesis staat: ‘Wees vruchtbaar en word talrijk, bevolk de aarde en breng haar onder je gezag: heers over de vissen van de zee, over de vogels van de hemel en over alle dieren die op de aarde rondkruipen’ (Gen. 1, 28). Met ‘heersen over de aarde’ wordt niet een absoluut recht bedoeld om willekeurig te beschikken over levende en levenloze natuur, dieren en planten. Naar het evenbeeld van God geschapen zijn betekent dat de mens als herder en hoeder voor Gods schepping zorgt. Er staat namelijk ook: ‘God, de Heer, bracht de mens dus in de tuin van Eden, om die te bewerken en erover te waken’ (Gen. 2, 15). [Youcat 436]

Hoe moeten wij met dieren omgaan?

Dieren zijn onze medeschepsels die we moeten liefhebben en waarover we ons mogen verheugen, zoals God zich verheugt over ons bestaan.

Ook dieren zijn schepsels van God die gevoel hebben. Het is een zonde ze te kwellen, te laten lijden en zinloos te doden. Toch mag een mens zijn dierenliefde nooit belangrijker vinden dan zijn mensenliefde. [Youcat 437]